Mobiliteit en ruimte


Nederland is een dichtbevolkt land en, mede door haar gunstige ligging, ook een belangrijk transportland. Hierdoor is het noodzakelijk dat voorzieningen op het gebied van mobiliteit en ruimtelijke ordening van een hoog niveau zijn zodat reiziger, vervoerder, ondernemer en bewoner goed worden bediend.  

Auto en wegen
 
 
Het is belangrijk dat alle delen van Nederland via de weg goed te bereiken zijn. Hierbij is lokale dekking belangrijk, maar ook over lange afstand moeten verder gelegen plekken goed en snel te bereizen zijn. 
Vanwege de clustering van bedrijvigheid in Nederland kennen we geen echte langeafstandswegen, met als gevolg dat snelwegen veel op- en afritten hebben. Dat is een overblijfsel van de evolutie van het wegennet. De fileproblematiek is de laatste jaren tot een hoogtepunt gestegen. Korte verkeersbewegingen zullen in de toekomst meer en meer via een fijnmazig netwerk van provinciale wegen moeten gaan, terwijl snelwegen meer geschikt worden gemaakt voor de langere routes. Naast snelwegen moeten meer parallelwegen komen. In dichtbevolkte gebieden kan dit opgelost worden door dubbeldekssnelwegen aan te leggen. De hoofdrijbaan heeft dan een hogere maximumsnelheid en minder op- en afritten, waardoor het doorgaande verkeer minder last heeft van in- en uitvoegend verkeer.
Op snelwegen moet een variabele maximumsnelheid worden gehanteerd, waarbij niet perse wordt vastgehouden aan de huidige 120 kilometer per uur als maximum. Zo kan beter ingespeeld worden op drukte en doorstroming van het verkeer. 
Bij wegenbelasting moet het uitgangspunt zijn dat de gebruiker betaalt. Daarom moet een vorm van rekeningrijden worden gehanteerd, zodat per gereden kilometer belasting wordt geheven. Dan wordt de last eerlijker verdeeld dan in het huidige systeem van wegenbelasting, dat gebaseerd is op het gewicht van de auto. Het is wel van groot belang dat de privacy van de autorijder hierbij absoluut gegarandeerd is. Daarnaast dienen de kosten van uitvoering zo laag mogelijk te worden gehouden. De inkomsten dankzij rekeningrijden moet direct ten goede komen aan infrastructuur en het verdisconteren van de schadelijke gevolgen van autogebruik.  

Openbaar vervoer en spoor 
 
Het openbaar vervoer moet een aantrekkelijk en betrouwbaar alternatief zijn voor de auto. Dit is helaas vaak niet het geval. Op drukke spoortrajecten moet er een flexibele dienstregeling komen, zodat reizigers niet afhankelijk zijn van een beperkt aantal treindiensten per uur. Belangrijke centra moeten verbonden worden door snelle treindiensten. Waar uitbreiding van het spoor niet meer mogelijk is, moeten snelle busverbindingen uitkomst bieden.
De NS moet de voordelen die de trein biedt ten opzichte van de auto beter uitbuiten, en hierbij inspelen op de vraag van reizigers. Er moet meer gediversifieerd worden in de soorten zitplaatsen, en er moeten voldoende faciliteiten zijn om gedurende de reis te kunnen blijven werken. Op lange afstanden moet gebruik kunnen worden gemaakt van diensten als snel internet en catering. 
Alle gebieden in Nederland moeten per openbaar vervoer goed te bereiken zijn en blijven. Hier ligt een grote verantwoordelijkheid bij de provincies. Zij hebben een de taak om ook aan niet of minder rendabele bus- of treinverbindingen bij te dragen.
Het is niet de taak van de overheid om een voorkeurskeuze te maken in het soort vervoer dat de burger gebruikt. Daarom is de JOVD tegenstander van gratis openbaar vervoer.  

Transport en logistiek 
 
Nederland speelt een belangrijke rol in de wereld op het gebied van transport en logistiek ter water, in de lucht en op het land. Deze positie moet Nederland verstevigen en uitbouwen. Luchthavens moeten voldoende mogelijkheid krijgen om te blijven groeien. Dit geldt voor de belangrijkste luchthaven Schiphol, maar ook voor regionale luchthavens zoals Eindhoven, Rotterdam, Maastricht, Lelystad en Twente. Schiphol kan op die manier voor een deel ontlast worden en terwijl de volledige capaciteit in Nederland kan blijven groeien.
Rotterdam heeft nog steeds de grootste haven van Europa en een van de grootste ter wereld. Om die positie te handhaven en te verbeteren is het van groot belang om ook Rotterdam de mogelijkheid te geven te blijven groeien, door land te winnen op de zee. Ook de andere havens moeten voldoende groeimogelijkheden hebben.
Om echt koploper op het gebied van transport en logistiek te worden moeten lucht- en zeehavens goed te bereiken zijn. Daarom moeten deze ook worden aangemerkt als belangrijke centra en Nederland, die aangesloten worden op het netwerk van snelle weg- en spoorverbindingen.
Om Nederland ook aantrekkelijk te laten zijn voor het transport van goederen over de weg moeten er voldoende faciliteiten voor vrachtwagens zijn. Een algemeen en permanent inhaalverbod voor vrachtwagens is onwenselijk. Op tweebaanswegen kan dit wel worden toegepast om momenten dat het de doorstroom bevordert. Op drie- en meerbaanswegen is dit niet nodig.    

Water
    
Schoon water is van levensbelang. De kwaliteit van water en het aanleggen van dijken is een taak van de landsdelen. De algemene dijkveiligheid is echter een taak van de rijksoverheid. Nederland heeft wereldfaam behaald vanwege de voortdurende strijd tegen het water. We zijn het hoogwater altijd meester geweest en zullen dit ook met een stijgende zeespiegel moeten blijven. Daarom moet er snel gestart worden met een tweede deltaproject, waarbij alle zwakke plekken in onze dijken en onze duinen verstevigd worden.  

Wonen
   
De woningmarkt zit op slot en de collectieve aanpak heeft veroorzaakt dat vraag en aanbod al heel lang niet meer op elkaar aansluiten. Het systeem van huurtoeslag en hypotheekrenteaftrek heeft hier voor een groot deel aan bijgedragen door hun corrumperende effect op de werking van de markt. Woningbouwcorporaties bezitten miljarden aan publiek geld en moeten zelfvoorzienend zijn, maar bedienen niet de vraag die er is omdat dit niet winstgevend genoeg zou zijn.
De woningmarkt moet een afspiegeling zijn van de wensen en keuzes van individuen. Voor starters op de woningmarkt is het haast onmogelijk een huis te kopen, omdat de hypotheekrenteaftrek de huizenprijzen al jaren lang omhoog drijft. 
Sociale woningbouw is en blijft een taak van de woningcorporaties. De corporaties moeten hun geld niet oppotten, maar besteden aan het bouwen van betaalbare huizen. Het maken van prestatieafspraken met de gemeente is de afgelopen jaren gestagneerd. Die trend moet worden gekeerd en de corporaties moeten ook aan die afspraken worden gehouden. Scheefwonen moet worden tegengegaan, zodat sociale woningbouw toegankelijk wordt gehouden voor mensen met lage inkomens en de doorstroom op de huurmarkt verbetert. Hiertoe worden corporaties verplicht door controles te houden.
Tijdelijke verhuur moet worden vergemakkelijkt, zodat leegstand kan worden tegengegaan. Het moet mogelijk worden om met meerdere kortlopende huurcontracten te werken, die pas na drie jaar om moeten worden gezet in een contract voor onbepaalde tijd. Op deze manier kan de huiseigenaar ook op redelijke wijze het contract ontbinden na korte tijd en dus makkelijker een leegstand pand verhuren voordat er een andere bestemming voor gevonden is. Op dit moment is het voor migranten die tijdelijk in Nederland wonen praktisch onmogelijk een betaalbare woning te vinden. Voor deze groep moet het vinden van een betaalbare (sociale) huurwoning worden vergemakkelijkt.    

Landbouw
   
De JOVD is sinds jaar en dag van mening dat het Gemeenschappelijk Landbouwbeleid van de Europese Unie niet meer van deze tijd is en dat deze gefaseerd volledig afgeschaft dient te worden. Hiermee wordt landbouw weer een nationale aangelegenheid. Dankzij deze liberalisering kunnen producenten in de Derde Wereld de stap zetten naar de wereldmarkt en kunnen Nederlandse consumenten gaan profiteren van lagere prijzen. Daarnaast zal een grotere concurrentie rond kwaliteit en prijs tot meer innovatie in de landbouw sector leiden.  

Ruimte en natuur
 
 
Het beschermen van meer en meer kleine stukjes natuur, die steeds meer versnipperd raken, is zinloos. Deze gebieden moeten worden aangesloten op een ecologische hoofdstuctuur die op haar beurt wordt gekoppeld aan ecologische verbindingszones in het buitenland. Grote, unieke gebieden moeten worden beschermd. In die gebieden mag niet worden gebouwd. Het beschermen van kleine gebieden is een taak voor private organisaties. Gemeenten moeten worden gestimuleerd meer gebruik te maken van hoogbouw en inbreidingslocaties, zodat de ruimte die ze al hebben effectiever wordt benut.  

Grote infrastructurele projecten
  
Helaas liggen grote infrastructurele projecten maar al te vaak stil door lange en slepende juridische procedures. Alleen direct belanghebbenden, zoals omwonenden, moeten bezwaarprocedures kunnen starten tegen projecten en bestemmingsplannen. Dit voorkomt dat allerlei belangenorganisaties zonder directe band met het project procedure na procedure starten waardoor benodigde verbeteringen in de infrastructuur veel vertraging oplopen. De overheid moet niet langer procederende belangenorganisaties subsidiëren, waarmee zij feitelijk procedures tegen zichzelf financiert.
Het hele proces tussen plan en uitkomst moet duidelijk en transparant worden ingericht, zodat parlement, provinciale staten en gemeenteraad hier goed op kunnen toezien en sturen waar nodig. Met name bij lagere overheden is dit procesmanagement niet goed op orde. Maar al te vaak worden doelstellingen van projecten niet gehaald en uiteindelijk ook niet gecontroleerd omdat het project fysiek is afgerond, maar niet het gewenste effect bewerkstelligt. Als het procesmanagement transparanter wordt ingericht kunnen kostenoverschrijdingen en financiële blamages beter in de hand gehouden worden.