Liberale verdeeldheid (1965-1969)
Opmerkelijke (landelijke) gebeurtenis in deze periode is het voorgenomen huwelijk van prinses Beatrix en Claus von Amsberg. VVD-raadslid in Amsterdam Hans Gruijters weigert naar de bruiloft te gaan, wat hem op een reprimande van het VVD-bestuur komt te staan. De JOVD kiest de zijde van Gruiters. Wiegel wijst in dezen op de individuele keuzevrijheid. Gruijters verlaat de VVD en komt korte tijd later samen met een groep geestverwanten (waaronder enkele oud-JOVD-ers), wat algemeen als de oprichting van D'66 kan worden beschouwd.
In het najaar van 1966 houdt de JOVD congres te Leeuwarden. Wiegel treedt af als voorzitter met in zijn afscheidsrede de vrees voor liberale verdeeldheid door de nieuwe partij, D'66. Op dit congres komt de JOVD min of meer met een eigen program: Stemverheffing. Het politiek program heeft een progressief-liberale inslag. Ook binnen de JOVD leidt de oprichting van DŽ66 tot verdeeldheid. Verschillende afdelingen hebben het voornemen om VVD- en DŽ66-georienteerde afvaardigingen naar jongerenparlementen te zenden. Aan de onrust komt een eind als enkele plaatselijke bestuurders aftreden en zich aansluiten bij de VVD.
Wederom speelt deze periode discussie over onafhankelijkheid. Het HB komt met het voorstel tot verdere samenwerking met de VVD door voorzitter en secretaris lid te maken van de VVD. De VVD zou dan de JOVD-top toelaten tot partijraad en partijcommissies. Vier oud-voorzitters keuren dit echter pertinent af. De JOVD richt zich op de VVD maar blijft openstaan voor contacten met andere politieke organisaties.
- Deel deze pagina


