Het echte verhaal achter speciaal onderwijs

De VVD en haar geloof in het individu

 
Het is weer verkiezingstijd!  De hoogste tijd om weer eeuwenoude vooroordelen van stal te halen. En hoe doen we dat? Door “ouderwets” te mopperen over armoede en sociale herverdeling. Het “conservatief-rechtse” kabinet-Rutte I stevent af op een mooie meerderheid in de Eerste Kamer, dus wordt het voor Pechtold/Cohen en consorten wederom de hoogste tijd om met modder te smijten en de regeringspartijen te koppelen aan enkele stigma’s. En welk stigma kan er dan niet beter op een rechts kabinet worden geplakt dan “asociaal”? Want dat is de VVD. Lekker asociaal. Of toch niet?

Door: Dave Boomkens* (met speciale dank aan Claudia Burger)
 
Het fascineert mij dat gedurende de campagne der Provinciale Statenverkiezingen niet de 130km/h expliciet als asociale maatregel naar voren wordt geschoven, maar dat er een nieuwe speelbal het veld in is gerold: het passend onderwijs. Zo zouden de nieuwe kabinetsplannen voor “passend onderwijs” direct ten koste gaan van de begeleiding van kinderen die extra zorg nodig hebben. Er heerst consensus omtrent het gegeven dat bezuinigingen noodzakelijk zijn tegen de achtergrond van de huidige economische crisis. Sterker nog: bezuinigingen zijn onvermijdelijk. De VVD heeft de afgelopen weken meerdere malen het verwijt gekregen de “meest kwetsbaren” der maatschappij te raken. Overal doemen leuzen als “het moet en het kan eerlijker!” op. En of het over de fragiele politieke situatie in Libië gaat en de spartelende losgeschoten Moammar Abu Minyar al-Qadhafi, of het verbieden van megastallen: waar de oppositie enkel een klein gaatje ziet, wordt heel sluw nog eventjes snel de hypotheekrente-aftrek aangehaald – want dat was toch een belastingcadeautje voor de toch al immens rijke villabezitters, die toch al de ganse dag op hun gouden sofa bivakkeren met een glas pinot blanc chardonnay uit 1923 in de hand?
 
Gedurende campagnetijd mag menig boodschap met een korrel zout worden genomen. De oneerbiedige taak aan de burger om het kaf van het koren te scheiden en zichzelf wegwijs te maken in een overkill aan onjuiste berichtgeving. Daarnaast is politiek al vanaf het allereerste moment gevangen door subjectieve menselijke waarneming. De filosofische vraag “wat is werkelijkheid, en wat is illusie?” komt hierbij al snel om de hoek kijken. De menselijke waarneming is volgens René Descartes zo onbetrouwbaar, dat aan de werkelijkheid, zoals ieder mens deze voor zichzelf waarneemt, veelal moet worden getwijfeld. Zo zei hij ooit: “Wat betwijfeld kan worden, moet worden afgewezen, want bewijsvorming moet plaatsvinden op basis van onbetwijfelbare argumenten.” Waaraan volgens Descartes echter niet getwijfeld kon worden, was het feit dat er getwijfeld werd. Hij zei daarom ook dat de eerste zekerheid in het leven de twijfel behelst. Hieruit is uiteindelijk de wereldberoemde stelling Cogito ergo sum (ik denk, dus ik ben) voortgekomen: een dualistisch standpunt waarin lichaam en geest worden gescheiden. Via tal van experimenten en grootschalig onderzoek kwam Descartes tot de conclusie dat men er niet zeker van kon zijn bezit te hebben over het eigen lichaam, desalniettemin was daar wel de beschikking over de geest.
 
En dit onderscheid – het verschil tussen lichaam en geest – zien veel “linkse” partijen in een heel essentieel debat over het hoofd: het debat met betrekking tot passend onderwijs. Het is heerlijk om vanuit de oppositionele zijde het kabinet Rutte I als “asociaal” te bestempelen en daarbij heel hard misbruik te maken van het sentiment dat rond het passend onderwijs zweeft. Passend onderwijs gaat immers over de “zwakkeren” en daar mag niemand met maar één vinger aankomen, aldus de partijen aan de linkerzijde van het politiek spectrum.
 
Echter is het huidige stelsel voor extra onderwijsondersteuning niet meer houdbaar. In 2003 is het hernieuwde systeem van “passend onderwijs” geïntroduceerd. Onderwijs op maat - waarvoor het adaptief onderwijs in eerste plaats diende – heeft in 2003 volledig haar slag gemist. Het onderwijsideaal met als doel leerlingen minder frequent te laten doorstromen naar speciaal onderwijs is sinds 2003 volledig haar doel voorbij geschoten. Kernwaarde was binnen een reguliere school de mogelijkheden en voorzieningen te creëren om op een eigentijdse manier en wijze kennis te vergaren. Echter is er sinds 2003 iets goed misgegaan. Het stelsel is momenteel zo vorm gegeven dat het ertoe uitnodigt zoveel mogelijk kinderen als “hulpbehoevend” te bestempelen – daarbij volledig voorbijgaand aan het belang van het kind. Zo werd in 2003 een leerlinggebonden financiering in het leven geroepen. Hierbij werd als verwachting gesteld dat het aantal leerlingen met een indicering voor “zware” zorg zou stabiliseren. De resultaten wijzen echter op een onthutsende conclusie: vanaf 2003 is het aantal leerlingen met de indicatie “zware zorg” met 65% toegenomen. Hieruit kan worden geconcludeerd dat het stelsel faalt en meer leerlingen dan ooit tevoren worden als “hulpbehoevend” bestempeld en worden rechtstreeks doorverwezen naar het speciale onderwijs. Of in het ergste geval: jeugdzorg.
 
De cijfers anno 2011 liegen er niet om: inmiddels mag ruim 10% van de leerlingen in het primair onderwijs zichzelf de indicatie “iets mis” geven afgezet tegen 20% equivalente gevallen in het voortgezet onderwijs. Onnodig etiketten plakken op kinderen en een enorme psychologische kwelling bij bijna 1/5 van de schoolgaande jeugd.
 
Dit zijn de keiharde cijfers die links vergeet te vermelden gedurende deze toch al ietwat turbulente verkiezingscampagne. Het kabinet Rutte I wordt door links als “asociaal” bestempeld, want het bezuinigd immers op passend onderwijs. Dat is heel erg vreemd. Want maken we een vergelijking binnen het financiële kader, dan valt waar te nemen dat anno 2011 het jaarlijkse budget dat uitgaat naar passend onderwijs nog steeds 200 miljoen euro boven het peil van 2003 ligt. Dat was men natuurlijk eveneens vergeten te melden aan de linkerflank van het politieke spectrum, niet waar? Deze getallen kunnen immers niet gebruikt worden in het verlengstuk van een stevige, populistische verkiezingsretoriek.
 
Een verhaal dat mij enorm is bijgebleven, is dat van Claudia Burger. Een zeer zelfstandige jongedame die - zoals men dat zegt  – spastisch is in vier ledematen, waaronder haar spraak. Ze geeft zelf aan “enorm eigenwijze ledematen” te hebben. Ze heeft een tijdje bij de Albert Heijn gewerkt, waar eens aan de kassa een klein doerakje haar mededeelde dat ze als een man klonk. Ze kon daar enkel hard om lachen. Claudia is een enorm inspirerende persoonlijkheid - mentaal onwrikbaar - en ongelooflijk sterk. Maar waar zij anno 2011 tegenaan loopt, is dat “linkse sociale” politieke partijen vaak geneigd zijn om jongeren als Claudia maatschappelijk af te schrijven, alvorens ze al überhaupt de kans hebben gekregen zich te bewijzen. “Als ik één ding echt diep intens HAAT, echt puur haat, is het wel als mensen mij zielig vinden!”, aldus Claudia. In mijn gesprek met haar gaf ze expliciet aan dat de trend – die vanaf 2003 is ingezet – van een zeer negatieve boodschap uitgaat. “Mensen vinden dat de maatschappij maar alles voor hen moet betalen en regelen. Er moet altijd maar gezorgd worden. Hier kan ik erg fel van worden in een discussie. Een discussie die tot nu toe niemand van mij heeft gewonnen.”
 
Claudia heeft zelf voor haar MBO-opleiding stage gelopen op een zogenaamde mytylschool. Deze vorm van onderwijs moet niet verward worden met de “zwaardere” variant ervan, namelijk de tyltylschool. Op een mytylschool volg je regulier onderwijs met extra mogelijkheden voor kinderen met een lichamelijke handicap. Tyltylschool richt zich op jongeren met een meervoudige handicap (zowel lichamelijk als verstandelijk). Claudia geeft aan dat de huidige insteek van mytylscholen een zeer onjuiste en perverse is: “Omdat je op die school zit, ben je nagenoeg afgeschreven alvorens je überhaupt deel kan nemen aan de maatschappij en kan participeren op de arbeidsmarkt. Je wordt niet klaargestoomd voor het echte leven. Je wordt verzorgd, beschermd en overal mee geholpen. Je hoeft niet hard te werken, niet echt te leren. Alles is puur gericht op het in stand houden van het welzijn van de leerlingen. Er wordt niet gekeken naar hun talenten en naar wat zij eventueel met hun talenten zouden kunnen doen en worden.”
 
Het verhaal van Claudia illustreert eveneens de explosieve toename en meer dan vervierdubbeling van het aantal jongeren met een zogenaamd rugzakje: veel jongeren met een handicap worden op zeer jonge leeftijd al afgeschreven en krijgen vanuit de “sociale” hoek der maatschappij vroegtijdig het etiket “ongeschikt” of “afgekeurd” op het voorhoofd geplakt. Hoe kan het zo zijn dat sociale partijen deze cyclus kunstmatig in stand proberen te houden? Waarom durven de “linkse” partijen geen herkeuring aan van de reeds afgekeurde en ongeschikt verklaarde jongeren? Waarom heerst er over “links” het idee dat als iemand niet kan lopen, deze direct een soort van domheid met zich meedraagt? Waarom krijgt iemand met een lichamelijke handicap maar beperkte kansen vanuit de overheid om zich te ontwikkelen toch een waardige VO-scholier(e)? Om vervolgens door te stromen naar het MBO/HBO of een universitaire studie? Moeten wij niet eens heel gauw af van de gewoonte om jongeren bij voorbaat al te “verzieligen” en mensen met een handicap te betuttelen? Dit zijn toch eveneens volwaardige mensen die alle recht verdienen op een liberale zelfontplooiing van het individu?
 
Claudia pleit vanuit haar eigen ervaring voor het afschaffen van mytylscholen. Let op: tyltylscholen die onderwijs aanbieden aan kinderen met een meervoudige, veel zwaardere handicap moeten dus gewoon blijven bestaan. Of zoals de VVD bepleit: de manier waarop passend onderwijs is ingericht anders vormgeven en aanscherpen. De manier waarop passend onderwijs momenteel is ingericht lokt uit dat teveel kinderen als hulpbehoevend worden bestempeld. Dat is enerzijds niet in het belang van het kind; anderzijds geven we teveel kinderen die geen zorg nodig hebben, wel een vorm van extra zorg. Zorg die heel veel geld kost. En om het VVD-Kamerlid Ton Elias te citeren: “Is dat niet geld dat nu juist zou moeten worden aangewend ten behoeve van kinderen die deze zorg extra nodig hebben?” Dit kabinet moet daarom pogen meer kinderen in het gewone onderwijs “vast te houden”. “Er worden simpelweg teveel kinderen aangemerkt alsof er iets of geks met ze aan de hand is. We plakken te snel en we plakken te vaak een etiket op een kind.” Dat is enkele ten nadele van de individuele ontplooiing van het kind en eveneens ten nadele van de kansen voor het kind op een fatsoenlijke maatschappelijke participatie in de toekomst. Mensen, laat u dus niet leiden door goedkope, moddervette, smaakloze verkiezingsretoriek en durf te twijfelen! Descartes bracht de scheiding tussen geest en lichaam naar voren. Descartes kwam tot de conclusie dat men er niet zeker van kon zijn dat hij/zij het bezit had over haar eigen lichaam, desalniettemin was daar wel de beschikking over de eigen geest. Indien het lichaam het laat afweten, betekent het niet dat het denkvermogen en kennisniveau van betreffende jongeren eveneens direct op de schroothoop behoort te belanden!

* Dave Boomkens is Algemeen Bestuurslid Organisatie (a.i.) van de JOVD Utrecht e.o.